Nieuws

Hoe PlusPlus bedrijven verder helpt

Geschreven door Hans Kramer op 17 februari 2022

Stel, je hebt een eigen bedrijf ergens in Azië, Afrika of Latijns-Amerika. Een goedlopend bedrijf in de landbouwsector, met meerdere werknemers, betrouwbare leveranciers en vaste klanten. Waarom zou je dan aankloppen bij een platform helemaal in Nederland? Onze Investment Manager Lars legt het uit....

 

Lars van Doremalen (links op de foto) is een ervaren investeringsmanager. Met meer dan 10 jaar werkervaring bij diverse multinationals heeft hij zowel brede financiële kennis als ervaring met duurzaamheid. Na in Bangladesh vrijwilligerswerk te hebben gedaan besloot hij zich volledig te richten op ondernemers in ontwikkelingslanden. Eerst bij Solidaridad en sinds 2 jaar voor PlusPlus, waar hij ondernemers zoekt die nog veel groeipotentieel hebben en voor enthousiasme zorgen.

 

Van wat voor bedrijven word jij enthousiast?

“Van bedrijven die niet alleen groeipotentie hebben, maar waarbij die groei impact creëert voor veel mensen. Die zit hem bijvoorbeeld in het bieden van werkgelegenheid. In veel ontwikkelingslanden is werkeloosheid hoog en al helemaal onder vrouwen en jongeren. Een groeiend bedrijf zorgt voor nieuwe banen en dat is, vooral voor deze groepen, belangrijk zodat mensen een stabiel inkomen hebben om voor hun gezin te zorgen.

Daarnaast zijn deze bedrijven onderdeel van een grotere waardeketen, waar veel meer mensen aan verbonden zijn. Wanneer het bedrijf gaat groeien betekent dat groei voor de hele keten. Daarom kijkt PlusPlus goed wie er allemaal bij betrokken zijn en wie van die groei profiteren. Koopt het bedrijf in bij grote plantages of kleinschalige boeren rond de armoedegrens? Kopen ze in tegen een eerlijke prijs? En investeren ze ook in hun leveranciers door ze te trainen, bijvoorbeeld in duurzame landbouw? Want dan zorgt groei van het bedrijf voor impact voor velen. Dat is wat voor PlusPlus belangrijk is.”

 

Waarom kloppen deze bedrijven aan bij PlusPlus?

“Om als bedrijf te kunnen innoveren, verduurzamen en opschalen is financiering nodig. Dan kan je naar de bank gaan, maar de meeste banken zijn risico-vermijdend. En bedrijven in de agrarische sector, waarvan de productie beïnvloed wordt door onzekere factoren zoals het weer, hebben een hoger risico. Zeker in ontwikkelingslanden, waar de invloed van klimaatverandering groot is. Daarom vragen banken om onderpand bij een lening, als zekerheid dat zij hun geld terugkrijgen. In de praktijk vragen ze een zeer hoog onderpand, soms tot 300% van de waarde van de lening. Dat is voor een klein of middelgroot bedrijf gewoon niet haalbaar, dat hebben ze niet.

PlusPlus vraagt geen onderpand van onze ondernemers. Dat is een bewuste keuze, om juist de bedrijven die daar niet aan kunnen voldoen –en die dus nergens anders financiering kunnen krijgen- ook een kans te geven om te groeien.”

 

Maar heeft PlusPlus dan geen zekerheid nodig?

"Een bedrijf moet wel laten zien dat ze de lening kunnen terugbetalen. PlusPlus werkt op basis van een goede analyse van de plannen, doelen en financiële status van een bedrijf. We doen een due dilligence en meestal bezoeken we het bedrijf. Als dat allemaal in orde is gaan we ervanuit dat ze in staat zullen zijn om hun lening terug te betalen. Bovendien gaat het bij PlusPlus om relatief kleine leningen. Het terugvorderen van onderpand is dan duurder dan de lening zelf. Eigenlijk willen we banken uitdagen om ook zonder onderpand uit te lenen, want 300% aan zekerheden vragen is idioot.”

 

Klinkt gunstig voor het bedrijf, of zijn er ook nadelen?

“Lokale financiering is in theorie altijd beter. Omdat wij onder Europese wetgeving vallen moeten bedrijven weer veel meer juridische checks doorlopen om met PlusPlus samen te kunnen werken. Maar omdat PlusPlus voor veel ondernemers de enige partij is waar zij voor in aanmerking komen, is er toch veel vraag naar een PlusPlus lening.

Bedrijven kunnen bij PlusPlus meerdere leningen aangaan. Na goedkeuring van een bedrijf wordt een overeenkomst afgesloten waarin we een totaalbedrag afspreken. Dat bedrag hangt af van hoe hun financiële situatie eruitziet, want ze moeten het wel terug kunnen betalen. Ook kijken we of ze bijvoorbeeld ook andere leningen hebben, want we willen niet dat ze de ene lening met de andere terugbetalen. Het moet wel gezond blijven. Maar als het bedrijf de leningen goed aflost, dan kunnen ze meerdere leningen krijgen. Ook wordt het afgesproken totaalbedrag vaak opgesplitst in meerdere kleine leningen om op de site aan te bieden. Dat is de reden dat je een bedrijf vaker terug ziet komen. We hebben wel een harde limiet van 750.000 euro tot waar we bedrijven helpen. Zo dwingen we onszelf om altijd gericht te blijven op het midden en kleinbedrijf.

Overigens is een lening van PlusPlus niet kosteloos voor ondernemers. Omdat gratis geld marktverstorend kan werken, moeten ze een eenmalige fee van gemiddeld 7% betalen voor gebruik van het platform en vergoeding van (een deel van) onze kosten.”

 

Waar worden de leningen voor gebruikt?

“De meeste bedrijven hebben behoefte aan werkkapitaal, meestal om grondstoffen in te kopen die ze na bewerking weer verkopen. Het geld komt pas binnen na de verkoop, maar ze hebben al voor die tijd geld nodig om de boeren te betalen. PlusPlus biedt werkkapitaal om die periode, tot de opbrengsten binnenkomen, te overbruggen. Deze leningen voor werkkapitaal zijn vaak kortlopend en hebben minder risico omdat ze zorgen voor organische groei. Bij het afspreken van de betalingstermijn kan het bedrijf zelf aangeven wanneer ze de bedragen nodig hebben, bijvoorbeeld in het oogstseizoen.

Leningen voor kapitaalinvesteringen, bijvoorbeeld voor nieuwe machines, lopen vaak wat langer, want dan moet de aankoop terugverdiend worden. Veel banken willen dit al helemaal niet doen, dus daar zijn we als PlusPlus helemaal additioneel. Bij een kapitaalinvestering zijn er vaak meerdere betaalmomenten: voor de aanbetaling, transport, levering en installatie van het apparaat. Dat vraagt om uitgaven die gedaan moeten worden lang voordat het het wat gaat opleveren. Vandaar dat soms 3 tranches nodig zijn voor één kapitaalinvestering.

Dit soort leningen hebben iets meer risico, bijvoorbeeld omdat apparatuur te laat geleverd wordt of de productie minder toeneemt dan verwacht, daarom doen we dit iets minder vaak. Maar voor groei is dit wel belangrijk. Een goed voorbeeld is onze ondernemer Divine Industries, die met een lening een nieuwe machine voor het pasteuriseren van ananassap heeft aangeschaft. Die nieuwe machine zorgt nu al voor extra omzet, waar de lening mee terugbetaald wordt.”

 

Wat vind je van de bedrijven waar PlusPlus tot nu toe mee samenwerkt?

“Het portfolio van PlusPlus laat een mooie diversiteit aan bedrijven zien, zowel qua risico’s als qua impact die ze maken en qua type bedrijven (inkoper, processors, producenten etc). Het zijn bijna allemaal lokale ondernemers en er zitten ook vrouwelijke ondernemers bij, al zouden we daar nog wel meer van willen.

Hele kleine ondernemingen blijven moeilijk. Die hebben vaak weinig administratie, waardoor het veel werk vergt om alle procedures te doorlopen en met ze in zee te gaan. Maar bij dit soort bedrijven maak je wel echt verschil, dus die zouden we makkelijker willen kunnen helpen. Ook zouden we bedrijven in sommige gevallen ook meer adviserend willen helpen, bijvoorbeeld op het gebied van financiële administratie, waardoor advies veel verschil zou kunnen maken. Helaas heeft PlusPlus daar nu niet de tijd en middelen voor.

Het terugbetalen van de leningen gaat ook goed. Er kan altijd iets kan gebeuren waardoor een bedrijf de lening uiteindelijk niet terug kan betalen, daar gaan we ook bij PlusPlus vanuit. Maar tot nu toe zijn er nog maar drie terugbetalingen die wat vertraagd zijn –met gegronde redenen- en zijn alle leningen verder terugbetaald.”

 

Zie je al effect van PlusPlus leningen voor bedrijven?

“Er is duidelijk sprake van groei bij onze ondernemers, zoals Sereni Fries. Dit bedrijf is enorm gegroeid, met meer werknemers, nieuwe orders die binnenkomen, grote nieuwe klanten en 30% meer omzet. Binnenkort hebben zij PlusPlus niet meer nodig, dan kunnen ze financiering krijgen bij lokale banken en investeerders. En dat is precies wat we met PlusPlus willen: bedrijven in staat stellen om de financieringskloof te overbruggen zodat ze uiteindelijk toegang krijgen tot lokale financiering om verder te blijven groeien.”